Luisteren.

Luisteren.

Het blijkt een hele bijzondere eigenschap te zijn.
En het lijkt alsof steeds minder mensen dat kunnen of willen.
Luisteren.
De ander HOREN.
Ruimte geven aan het verhaal van de ander.
Zonder CONSTANT te willen inbreken, de aandacht weer terug op te eisen en het verhaal naar zichzelf toe te draaien.

Zucht, ik vind het de grootste epidemie van deze laatste tijd.

Waar zijn de heerlijke stromende gesprekken waar er geen strijd is tussen jouw verhaal en mijn?
Waar er simpelweg geluisterd wordt? Waar het niet elke keer naar zichzelf wordt toegedraaid? Ik houd er zelf erg van wanneer er oogcontact is. Dat staat bij mij hoog, ik kan er niks aan doen. Als men om zich heen gaat kijken is er voor mijn gevoel geen interesse of ik moet wel enorm oninteressant zijn dan, dat kan natuurlijk ook. Maar ja, dan moeten jij en ik niet afspreken 🙂

Ik merk zelf dat wanneer er steeds wordt ingebroken, mijn energie elke keer verminderd, wordt afgetapt en ik op een gegeven moment alleen nog maar luister en dat die ruimte graaaag helemaaaal wordt ingenomen. Ik word dan vol en de ander krijgt voelbaar energie.
OF ik ga het op een gegeven moment ook maar doen, het wegkijken, terugnemen, onderbreken. “eh, ik wil graag even mijn verhaal afmaken”. Omdat ik als gevoelig mens ook het even niet meer weet en een laatste poging doe om zelf nog enige ruimte te ervaren.
Waarop tot mijn grote verbazing ik dan te horen krijg: ”hé, is er iets? Je kijkt steeds weg…….”
HUH?
Ben ik gek of ben jij het?
Het is lastig om te kijken in schone spiegels. Lang niet alles namelijk zegt iets over jou .

BAH!
Dan is er geen verbinding. Geen waar contact.
De ander denkt misschien: ha, eindelijk iemand die luistert, ik neem het er even goed van! En vult zich volledig met jouw onverlaten luisterend hart.
Maar owee, als ik ook wat wil vertellen. Dan is het gauw klaar met de ruimte en luister.
Bij die groep mensen tenminste, die van die epidemie, die al besmet zijn.

Ik laat ze gaan….
Gesprekken mogen immers ook vanzelf gaan.

Ik koester degenen om mij heen die die bijzondere eigenschap (nog) wel hebben én koester ik de tijd dat men TIJD had voor elkaar en er RUIMTE en bereidheid was voor twee zielen om werkelijk tot elkaar te komen.

Amen.